Onderwijs

Het kind staat centraal in zijn 'leren leren' en 'leren leven'. In onze visie gaan we ook uit van de drie basisbehoeften waaraan moet worden voldaan om goed te kunnen 'leren en leven'
De drie basisbehoeften zijn: competentie (een sprong vooruit), autonomie (op eigen kracht) en relatie (samen met anderen).

Een sprong vooruit (competentie)
  • We verzorgen kwalitatief goed onderwijs aangepast aan de toekomstige, vernieuwende en veranderende samenleving.
  • We maken onderwijs op een eigentijdse en herkenbare manier passend bij de onderwijs- en ontwikkelbehoefte van kinderen.
  • We trachten het optimale uit kinderen te halen.
  • Kennis van de basisvaardigheden.
  • Hoge realistische doelen en opbrengsten.
  • Je kunt niet alles meer weten in een snel veranderende wereld:
  • Kennis leren zoeken en op waarde weten te schatten
  • Gebruik maken van vernieuwende media, waaronder ICT.
  • Methodes die voldoen aan de doelen en visie van onze school.
  • Ons onderwijs biedt kinderen ook keuzemogelijkheden om talenten en vaardigheden te ontwikkelen.

Op eigen kracht (autonomie)
  • Het volgen van leerlingen in hun ontwikkeling (leerlingvolgsysteem)
  • Adaptief onderwijs, rekening houden met verschillen tussen kinderen.
  • Zelfstandig werken en werken met een dag- of weektaak.
  • Elkaar helpen: groepswerk, maatjeswerk, tutorlezen
  • Met oog voor keuzemogelijkheden en zelfverantwoordelijkheid.
Samen met anderen (relatie)
  • Een sociaal sterke groep.
  • Goede communicatie tussen leerlingen, ouders en leerkrachten
  • Respect voor elkaar, acceptatie in gedrag en taalgebruik
  • Pedagogisch klimaat/schoolklimaat: zorgen voor een veilige leeromgeving.
  • Leren omgaan met elkaar, sociale vaardigheden, waarden en normen
  • Leren samenwerken en communiceren
  • Aandacht voor sociaal-emotionele ontwikkeling en welbevinden van kinderen.
  • Samenwerking met de wijk en externe deskundigen.
Goed onderwijs met oog voor zelfverantwoordelijkheid en keuzemogelijkheden
Middels directe effectieve instructie willen we zoveel mogelijk uit de kinderen halen. Waarbij we uitgaan van de instructiebehoeften van de leerlingen. De instructiebehoefte van een leerling geeft aan welke mate van instructie (en hoeveelheid leertijd) een kind nodig heeft om de gestelde doelen te behalen:
  • De instructieonafhankelijke leerlingen, zij volgen verkorte instructie (aanpak 3)
  • De instructiegevoelige leerlingen, zij volgen de basisinstructie (aanpak 2)
  • De instructieafhankelijke leerlingen, zij volgen de verlengde instructie (aanpak 1)
Het doel is om aan te sluiten bij het niveau van het kind.

Voor de meer- en hoogbegaafde leerlingen is er de Pittige Plus kast. Deze kast boordevol pittige projecten en materialen, biedt een echte uitdaging aan de meer- en hoogbegaafde kinderen.De projecten spreken de competenties aan die nodig zijn om de talenten van deze groep kinderen optimaal te ontwikkelen. Bij elk project werken de leerlingen zelfstandig op hun eigen niveau in kleine groepjes van twee of drie kinderen. Ze doorlopen elke les een aantal fasen, denk hierbij aan opdracht, onderzoeken, ontwerpen, plannen, testen, uitvoeren en presenteren. Daarnaast kunnen de meer begaafde leerlingen hun sociale competenties ontwikkelen door andere kinderen te helpen (sociale aspect). Dit gebeurt o.a. bij tutor-lezen, maar ook bij spelactiviteiten waar de oudere leerlingen, jongere leerlingen begeleiden.


Voor uitgebreide informatie over onze werkwijze en organisatievorm (gecombineerde groepen) verwijzen naar onze schoolgids, hoofdstukken 2.4 De organisatie van ons onderwijs.